Oedeemtherapie en manuele lymfedrainage
Wat is lymfe? Net als de bloedbaan waarin bloed circuleert, heeft het lichaam een lymfstelsel waar lymfe doorheen stroomt. Het lymfstelsel ziet er vergelijkbaar uit met het stelsel voor de bloedsomloop. In tegenstelling tot de bloedcirculatie is het lymfstelsel alleen een afvoerend systeem. Lymfe bevat ongeveer dezelfde bestanddelen als bloedplasma maar heeft een hogere concentratie eiwitten. Als lichaamsarbeid wordt geleverd, neemt de concentratie eiwetten in het weefsel verder toe. Op het kruispunt van grote lymfvaten bevinden zich lymfknopen. De lymfknopen liggen dichtbij organen en worden ook wel lymfklieren genoemd. De klieren filteren de lymfe en halen er lichaamsvreemde stoffen uit (bacteriën, kankercellen, celresten, etc.). Deze lichaamsvreemde stoffen komen in de bloedbaan terecht doordat het lymfestelsel en de bloedbaan met elkaar in contact staan. Via de bloedbaan worden de lichaamsvreemde stoffen uitgescheiden door het lichaam. In de lymfklieren worden witte bloedcellen gemaakt die een belangrijke rol spelen in het afweersysteem van het lichaam.
Wat is oedeem? Oedeem is een abnormale ophoping van vocht in het weefsel als gevolg van een verstoord evenwicht tussen aanvoer en afvoer van vocht. Er zijn verschillende vormen van oedeem, afhankelijk van de oorzaak. Enkele veel voorkomende vormen van oedeem zijn: Lymfoedeem (nadat lymfklieren verwijderd zijn door een operatie of als complicatie van bestraling) Veneus oedeem (als vervolg van trombose of operatie van bloedvaten) Traumatisch oedeem (na een ongeval) Primair lymfoedeem Lipoedeem Oedeem na oncologische ingrepen Secundair oedeem na andere operaties Tertiair oedeem na bestralingen of chemokuur of medicijnen
Wat doet een oedeemtherapeut? De therapie bestaat uit een combinatie van verschillende behandelmogelijkheden: - Manuele lymfedrainage Manuele lymfedrainage is een specifieke massagetechniek die gericht is op verhoging van de transportcapaciteit van het lymfestelsel. Door gebruik te maken van bepaalde handgrepen kan het vocht verplaatst worden naar gebieden in het lichaam waar het lymfesysteem nog intact is zodat het daar vandaan in de circulatie kan worden opgenomen. Ook zijn er specifieke handgrepen om fibrotische verhardingen in het weefsel los te maken. - Compressietherapie Door middel van het aanleggen van bandages wordt van buiten af een continue druk aangebracht die het uittreden van vocht tegengaat en de afvoer van lymfe ondersteunt. De bandages worden aangelegd als er nog geen stabiele situatie in de waterhuishouding is bereikt. Wanneer de omvang van de arm of het been stabiel is, kan een therapeutische elastische kous (TEK) worden aangemeten. - Oefentherapie Een belangrijk component van de afvoer is de "spierpomp". Tijdens het aanspannen van de spieren worden de aders en lymfebanen even dicht gedrukt en worden het bloed en lymfe omhoog gestuwd. Doordat in de aders en lymfebanen klepjes aanwezig zijn, kan het bloed en vocht alleen maar naar boven richting het hart gaan. - Lymftaping In bepaalde situaties kan van deze nieuwe behandelingtechniek gebruik gemaakt worden.
Wat gebeurt er tijdens het eerste consult? Als u zonder verwijzing komt wordt er een afspraak gemaakt voor een screening. Tijdens de screening wordt uw klacht uitgevraagd en wordt er gekeken of er een indicatie is voor oedeemtherapie. Tevens wordt er vastgesteld of het wellicht verstandig is dat uw klachten toch door de huisarts worden bekeken. Is dit het geval, neemt de oedeemtherapeut contact op met uw huisarts en verwijst u terug. Als er een indicatie is voor oedeemfysiotherapie volgt er een intake en onderzoek na screening. Er worden eventueel aanvullende gegevens gevraagd en er vindt een lichamelijk onderzoek plaats. De oedeemtherapeut kijkt daarbij niet alleen naar de klacht zelf, maar onderzoekt tevens waardoor de klacht ontstaat. Ook bekijkt de oedeemtherapeut of de patiënt andere lichamelijke problemen heeft die toe te schrijven zijn aan de klacht. Aan de hand van de uitkomsten wordt samen met u een behandelplan opgesteld, een prognose gegeven en een afspraak voor een behandeling gemaakt. De huisarts of specialist kan u ook verwijzen. Er vindt dan geen screening plaats, dit heeft de verwijzend arts al gedaan. De werkwijze bij verwijzing is gelijk aan het bovenstaande na de screening.
|